Een vriendelijk ‘goedemorgen’ kan soms meer betekenen dan we denken

23 sep , 7:53Column
79440
Pexels
Eenzaamheid. We praten er deze week wat vaker over. Er zijn activiteiten, bijeenkomsten en campagnes. De Week tegen Eenzaamheid van donderdag 24 tot en met woensdag 30 september vraagt aandacht voor mensen die zich alleen voelen.
Maar misschien moeten we onszelf ook eens iets anders afvragen: hoe vaak kijken we werkelijk naar elkaar om? Want eenzaamheid ziet er niet altijd uit zoals we denken.
Het is niet alleen de oudere man die al dagen niemand heeft gesproken. Het kan ook de moeder zijn die iedere ochtend haar kinderen naar school brengt, boodschappen doet en vriendelijk glimlacht, maar ’s avonds niemand heeft om haar verhaal aan kwijt te kunnen.
Het kan de jongere zijn die honderden volgers heeft op sociale media, maar niemand die hij midden in de nacht kan bellen. Het kan de gescheiden vader zijn die zijn kinderen om het weekend ziet. De mantelzorger die altijd voor een ander klaarstaat. De ondernemer die voortdurend bezig is. Of de buurvrouw die zegt dat het prima met haar gaat, terwijl ze eigenlijk verlangt naar iemand die gewoon eens vraagt: Hoe gaat het nu echt met je?
De cijfers van het CBS maken duidelijk dat eenzaamheid geen klein maatschappelijk probleem is. In 2024 voelde bijna 10 procent van de Nederlanders van 15 jaar en ouder zich sterk eenzaam. Nog eens 30 procent voelde zich enigszins eenzaam. Dat betekent dat eenzaamheid voor een aanzienlijk deel van onze samenleving onderdeel is van het dagelijks leven.
En opvallend: het zijn niet alleen ouderen. In 2024 voelde bijvoorbeeld 14 procent van de 15- tot 25-jarigen zich sterk emotioneel eenzaam. Onder mensen van 35 tot 45 jaar voelde 18 procent zich sterk sociaal eenzaam.
Dat zouden we ons moeten aantrekken.
Ook in Echt-Susteren wonen mensen die zich eenzaam voelen. Misschien wel dichterbij dan we denken. In dezelfde straat. In het appartementencomplex naast ons. Op het schoolplein. Bij de sportclub. Op het werk. Misschien zelfs binnen onze eigen familie.
Het lastige van eenzaamheid is dat je het niet altijd kunt zien.
Iemand kan een druk sociaal leven hebben en zich toch eenzaam voelen. Het CBS laat zelfs zien dat veel sociale contacten niet automatisch betekenen dat iemand zich verbonden voelt. In 2022 voelde 10 procent van de mensen die minstens wekelijks contact hadden met familie, vrienden en buren zich toch sterk eenzaam.
Daar zit misschien wel de kern. Eenzaamheid gaat niet alleen over alleen zijn. Het gaat vooral over je niet verbonden voelen. Daarom hoeven we het probleem ook niet altijd groot te maken. We hoeven niet allemaal vrijwilliger te worden of een buurthuis te beginnen.
Soms begint het veel kleiner. Een stoel erbij zetten. Iemand uitnodigen voor een wandeling. Niet alleen vragen hoe het gaat, maar even blijven luisteren. Een oudere buurman meenemen naar de winkel. Een kop koffie drinken met iemand die je eigenlijk al maanden niet hebt gesproken. Of gewoon aanbellen bij die buurvrouw van wie je weet dat ze alleen woont.
We zijn in Nederland goed geworden in doorgaan. Druk zijn. Zelfredzaam zijn. Niet te veel van anderen nodig hebben. Maar misschien is juist dat laatste een deel van het probleem.
Niemand zou altijd alles alleen hoeven te kunnen. Een samenleving wordt niet alleen sterker door goede voorzieningen, zorg en beleid. Een samenleving wordt ook sterker wanneer mensen naar elkaar omkijken.
Dus misschien is de belangrijkste vraag tijdens de Week tegen Eenzaamheid niet 'Wat organiseren we voor mensen die eenzaam zijn?' maar 'Wie in mijn omgeving zou ik vandaag eens echt kunnen ontmoeten?'
Echte verbinding begint met een klein gebaar vanuit jezelf. Met een deur die opengaat, een stoel die wordt bijgeschoven en iemand die zegt: 'Kom erbij. Je hoeft het niet alleen te doen.
Henk Schmitz 
loading

Loading